|
De
kust
Portugal is vooral bekend als zonbestemming, een land met witte
stranden. Maar waarom alleen bruin bakken? Zonnen en zwemmen kun je
aan de kust prima combineren met wandelen. Ook in hartje zomer.
Altijd waait er wel een koel windje. De klifkusten van de Alentejo
en de Algarve in het zuiden zijn het mooist. Maar ook de kust even
ten zuiden van Lissabon is prachtig. Daar rijst een gebergte steil
uit zee omhoog.
Natuurparken
Maar
Portugal is meer dan zon en zee, het behoort tot de interessantste
wandellanden van Europa. Een ideaal land om een wandelvakantie te
houden. In het natuurpark Peneda-Gerês, in het uiterste noorden, volgt de wandelaar eeuwenoude paden, naar de zomerweiden,
hoog in de bergen. In de sneeuw wandelen kan ook, op de hoogste top
van de Serra da Estrela, een uitgestrekt natuurpark ten oosten van Coimbra.
Authentiek platteland
Portugal
heeft nog veel meer natuurgebieden. Ook voor deze gebieden geldt dat
het dagelijkse leven van boer of visser er niet uit is weggesneden.
Wandelen doe je er afwisselend door ruige natuur en intiem
akkerland, langs dorpjes die opmerkelijk gaaf zijn gebleven. Buiten
de natuurparken liggen ook fraaie wandelpaden. De reden is
eenvoudig. Tot voor kort was Portugal een land van vooral kleine
boeren, die met een ossenkar naar hun land gingen.
Steden
Naast mooie natuur en authentiek platteland heeft Portugal een
aantal zeer fraaie en interessante steden. In Porto, Coimbra,
|