|
Algarve,
het binnenland - een wandeling bij Cachopo

Uit:
22 wandelingen door de Algarve

>
Achtergrondverhaal
>
Routebeschrijving
Voor printvriendelijke pagina: klik
hier
CACHOPO EN OMGEVING: OVERLEVERS IN
EEN VERANDEREND LANDSCHAP
Het dorp Cachopo was in het begin van de twintigste eeuw een oord
waar minder bemiddelde bewoners van de Algarve heen gingen om te
genezen van allerlei longaandoeningen. Het klimaat is er vanwege de
relatief beschutte ligging vooral 's winters aangenaam. De
continentale winden hebben er weinig invloed, zodat het de functie
van sanatorium goed kon vervullen. Daarnaast was Cachopo ook een
lokaal agrarisch centrum. Tot in de jaren zeventig telde het dorp
meer dan tien smederijen waar ezels en muildieren werden beslagen en
sikkels werden gemaakt voor boeren uit de wijde omgeving. Nu heeft
de enige overgebleven dorpssmid aan een paar uur per dag genoeg om
aan de vraag naar smeedwerk te voldoen. In de dorpen rond Cachopo
ontvluchtte men het armoedige boerenbestaan. Wie kon, emigreerde of
zocht werk in de toeristenindustrie aan de kust van de Algarve.
Teruggekeerde emigranten gaan meestal niet in hun geboorteplaats
wonen. Ze bouwen een huis in het centrumdorp Cachopo en hebben veel
van de cafés en winkels in handen. Samen met de achterblijvers
bewerken zij het land in de directe omgeving van hun dorp. De
moestuinen liggen in dalletjes tussen prachtige kurkeikbossen.
De energie die de overheid na de machtsovername van 1974 besteedde
aan het ontwikkelen van het platteland, heeft de neergang van vooral
de kleinste dorpen niet kunnen stuiten. De elektriciteits- en
telefoonaansluitingen, de waterpompen en overdekte wasplaatsen, zijn
een voorziening voor bejaarde overlevers. Zij krijgen een
staatspensioentje dat ze aanvullen met de verkoop van schapen, kurk
of honing. In dorpjes van drie of vier huizen houden ook veel oude
mensen het voor gezien. Ze trekken in bij hun kinderen in de wat
grotere dorpen en keren alleen terug om in de moestuin te werken. De
huizen in deze gehuchten zijn meestal niet gepleisterd. Het kruis,
door de achterblijvers op de muur gekalkt, moet bescherming bieden
tegen duistere machten.

Met de neergang van de landbouw verstomden de slagen op het aanbeeld
en veranderden de kleuren van het landschap. In het woeste land zijn nog
slechts vaag de contouren zichtbaar van overgroeide akkers die vroeger
als een lappendeken over de heuvels gespreid lagen. Ooit was, door
eenzelfde kleur van de gewassen op aangrenzende akkers, goed te zien dat
de boeren collectief beslisten in welke zones de verschillende gewassen
werden verbouwd. Vanwege de gebrekkige infrastructuur zou zonder dit
soort afspraken het te ploegen land onbereikbaar zijn geweest. De
vruchtbaarheid van de grond werd door de boeren op peil gehouden door op
de akkertjes afwisselend tarwe, rogge, haver en gerst te verbouwen,
gevolgd door een periode van braak. Doordat veel akkers nu verlaten
zijn, lijken de gewassen op een willekeurige plaats omhoog te schieten.
Wat er nu nog te dorsen en te malen valt, gebeurt meestal machinaal.
Vroeger liepen de ezels op de dorsvloer rondjes over de gewassen. Meel
kwam uit de wind- of watermolen. Alleen de gemeenschappelijke broodoven
is nog in gebruik. Was vroeger in het voorjaar het geel van de
graanvelden de dominante kleur, nu is dat het groen van de den.
|
 |
| |
Wanneer in de maand december het zwarte Alentejaanse varken wordt
geslacht keren veel familieleden van de overlevers terug naar hun
geboortedorp om aan dit 'feest' deel te nemen. In de vroege morgen
storten de mannen zich op het gillende varken. Ze binden het dier vast
op een tafel of kist waarna ze het de keel afsnijden. Het hart van het
varken pompt het bloed in gereedstaande kannen met zout en azijn. Met
een gasbrander wordt het haar weggeschroeid. In de middag wordt zachte
bloedworst en vlees geserveerd. Ooit eiste de jeugd de staart op. Nu
wordt hij de hond toegeworpen.
Landbouworganisaties bepleiten het stimuleren van de productie van
regio-specifieke, traditionele kwaliteitsproducten. Hiermee zou de
boerenstand voor uitsterven worden behoed. Met behulp van Europese
subsidies wordt het platteland opengelegd. Asfalt reikt nu tot in de
kleinste dorpen. Misschien zullen de gehuchten door deze wegen weer
dichter bevolkt raken. Het dagelijks op en neer rijden naar Faro of
Tavira is nu goed mogelijk. Sommige kinderen gebruiken het ouderlijk
huis als tweede huisje of verkopen het aan buitenlanders. Wanneer een
toerist een huis wat aandachtiger bekijkt dan de gemiddelde passant, kan
het gebeuren dat hem dit te koop wordt aangeboden. Ook de overheid heeft
zich op de huizenmarkt gestort. Dorpsschooltjes zijn in de aanbieding.
De koper dient de buitenkant wel in originele staat te laten.
Mocht zo'n moderne dorpsgemeenschap van forenzen en
tweede-huisjesbezitters ontstaan, dan is de kans groot dat deze omsloten
zal worden door bos. De den rukt steeds meer op. Landeigenaren die vijf
of meer hectare willen bebossen krijgen een groot deel van hun
investering vergoed door de Europese Unie. Omdat zowel de aanleg als het
onderhoud van de bossen in handen zijn van staatsbosbeheer, hebben de
eigenaren er verder nauwelijks omkijken naar.
Cachopo -
Currais - Montinho do Lobo - Cachopo (12 km)
Top
Op het kaartje hiernaast staat het beginpunt van de wandeling.
Klik op kaartje voor vergroting.
Hoogteverschil: 100 m
Begin-/eindpunt: kerk in Cachopo
Bereikbaarheid: per bus
vanuit Tavira en Faro.
Voor dienstregeling (horários) zie:
www.eva-bus.net
Winkel/café: Cachopo
Kaarten: Carta Militar
de Portugal, M 888 (1:25.000), nr 581 en 589. Voor meer info over
kaarten, klik hier
Route
Met rug naar ingang kerk. LA brede straat in (Rua 25 de Abril)
en omlaag tot T-splitsing. Hier LA naar hoofdweg
(1). RD hoofdweg op. Over
bruggetje en voorbij vangrail even voor een vervallen gebouwtje
LA landweg in (GR 13 richting Currais). Landweg door dalletje
volgen (2). Na 450 m
splitsing. Hier links aanhouden (gemarkeerde GR13 verlaten). Na
750 m T-splitsing. Hier LA (u komt weer op de GR13). Na ruim 200
m even voor molen zonder kop (op heuvel) gaan twee landwegen
naar rechts. Neem hiervan de eerste (u verlaat weer de GR13). Na
zo’n 150 m buigt weg naar links. Na 350 m T-splitsing. Hier LA
naar asfaltweg. Hier RA. Na zo’n 50 m LA landweg omhoog tot
T-splitsing met bredere landweg. Hier LA omlaag (u komt weer op
de GR13). U komt langs waterpomp (wit gebouwtje met tafeltje).
Even later kruising. Hier RA. Na zo’n 150 m splitsing bij
postbusjes. Hier RD omlaag (gemarkeerde GR13 verlaten).
Hoofdlandweg RD volgen tot brede landweg met weids uitzicht op
dal. Hier LA. Na ruim 300 m, even voor driesprong, LA landweg
omhoog (punt C op kaart) (u kunt ook de landweg langs het dal
ong. 2 km blijven volgen, zelfde weg terug naar punt C en daar
RA). Na ong. 400 m kruising. Hier RD omhoog (u bent weer op de
GR13). U loopt links onder langs ruïne molen. Na zo’n 250 m
vorksplitsing (punt B op de kaart). Hier rechts aanhouden en
zelfde weg terug tot asfaltweg (punt A op de kaart). Hier LA. Na
300 m direct na brug RA. Asfaltweg wordt landweg. Steeds RD tot
T-splitsing. Hier LA. Na ruim 350 m kruising bij gehucht
Montinho do Lobo (3). Hier
RA pad omhoog naar bebouwing. Langs huizen tot T-splistsing.
Hier RA. Na ruim 150 m T-splitsing met brede landweg. Hier RA en
omlaag naar asfaltweg lopen. Hier RA. Na ruim 300 m T-splitsing
met hoofdweg bij bushalte. Hier RA naar Cachopo
Kijkpunten
1. Vlak voor de brug ligt links van
u de werkplaats van één van de laatste traditionele smederijen in
Cachopo. Hier worden nog steeds op ambachtelijke wijze hoefijzers en
sikkels gesmeed.
2.
Portugal is een van de grootste kurkproducenten ter wereld. In de zomer
worden de kurkeiken 'geschild'. Dit kan pas bij minimaal 15 jaar oude
bomen. Daarna kan het nog een keer of tien, elke 9 à 10 jaar. Elke pas
geschilde boom krijgt een jaarnummer van één getal. Zo betekent een 6
dat de boom in 1996 voor het laatst is gestript. De eerstvolgende oogst
is pas weer in 2005. De kurkbewerking in de Algarve was lange tijd
geconcentreerd in São Bras de Alportel. Hier werd de kurk gekookt,
ontdaan van mineraal-zouten en looi-stoffen en elastischer gemaakt. De
relatief geïsoleerde positie t.o.v. het centrum van Portugal en de rest
van Europa heeft ertoe geleid dat de kurkindustrie hier echter aan
belang heeft ingeboet ten gunste van Barreiro (het industriële centrum
ten zuiden van Lissabon).
3.
In dit dorp zijn op sommige plaatsen kruisen op de stallen geschilderd.
Hiermee zou mens en dier worden beschermd tegen hekserij.
Wandelen in Portugal ©
1996-2010, Roel Klein & Bert Stok tenzij anders vermeld |