Op de eilanden voor de kust overheerst duinvegetatie (zoals gewone helm, blauwe
zeedistel, Otanthus maritimus, Juncus acutus en Pancratium maritimum).
In de lagune zelf wordt de
flora bepaald door eb en vloed. Hier groeien veel zogenaamde halofyten
(zoutplanten). We zien er verschillende soorten Limonium (lamsoor). Uniek is de
Limonium algarvense. Er groeit Inula crithmoides (een soort alant), Sarcocornia,
Suaeda vera (een soort schorrenkruid), Artemisia caerulescens (een soort alsem), Triglochin bulbosa subsp. barrelieri (een soort schorrezoutgras)
en klein slijkgras (Spartine maritima). Deze laatste zien we als uitgestrekte
donkergroene "velden".
Op een aantal plaatsen komen kleine beekjes uit in de lagune. Langs de oevers
groeit riet, lisdodde, valkruid, gevlekte orchis, ronde zonnedauw en een soort
Engels gras (Armeria gaditana).
In het directe achterland van de lagune was tot voor kort veel agrarische
activiteit. Op veel plaatsen liep het cultuurland tot aan de rand van de lagune.
Nog steeds zijn er boomgaarden waar amandelen, citrusvruchten
(sinaasappels en citroenen) en vijgen worden geteeld.
De laatste jaren worden veel
sinaasappelbomen vervangen door de lucratievere Johannesbroodboom.
Kenmerkend zijn de hagen van vijgcactussen (Opuntia ficus-indica), waarvan de
vruchten eetbaar zijn.
Op veel plaatsen zien we palmen. Het betreft hier meestal de Canarische
dadelpalm (Phoenix canariensis), waarvan de vruchten in tegenstelling tot de
gewone dadelpalm niet eetbaar zijn.
Top
Het
park is van groot belang voor trekvogels. Het vormt een
belangrijke schakel tussen Europa en sub-Sahara Afrika.
Het is ook broedgebied voor veel vogelsoorten, zoals de purperreiger, woudaap
en purperkoet.

Purperreiger
(foto Jan Stok)
Op de
eilandjes voor de kust zien we veel dwergsterns, soms ook
grielen en kortteenleeuweriken. In het gebied broeden ook ooievaars,
strandplevieren, vorkstaartplevieren en roodkopklauwieren.

Vorkstaartplevier
(foto: Jan Stok)
Het gebied is zeer
interessant in de trektijd (vooral maart/april en september). Dan
zijn er veel steltlopers zoals kleine strandlopers, bonte
strandlopers, krombekstrandlopers, kemphanen, tureluurs en zwarte
ruiters. Ook zijn er veel zangvogels op doortrek. We zien
er bergfluiters, paapjes, blauwborsten, grasmussen en karekieten.
Roofvogels zijn er ook. Vooral bij oostenwind is het niet ondenkbaar
dat u een rode wouw, een dwergarend of een slangenarend ziet.
Heel soms wordt een vale gier gesignaleerd.

Kleine strandloper
(foto: Jan Stok)
In de winter zitten
er veel eenden (smient, slobeend, pijlstaart, tafeleend,
wintertaling, zomertaling). We zien dan ook flamingo's, kleine
zilverreigers, lepelaars, koereigers, een enkele zwarte Ibis, maar ook overwinterende steltlopers zoals
kanoeten en krombekstrandlopers. In de rietvelden zitten Sint-Helenafazantjes,
een zangertje dat oorspronkelijk uit Afrika komt, maar nu permanent
in het gebied verblijft.

Zwarte ibis
(foto: Jan Stok)

Sint-Helenafazantje (foto:
Jan Stok)
In het park leven maar weinig grote zoogdieren in het wild.
Interessant om te noemen is de "Cão d'Agua" (waterhond). Dit is een
poedelachtige hond die vroeger de vissers hielp bij het in de netten
drijven van de vis. Hij was bijna uitgestorven, maar wordt nu weer
gefokt.
De lagune is rijk aan schelpdieren (o.a. palourdes), schaaldieren en
vele soorten vis. Van groot internationaal belang is de kolonie
van zo'n twee miljoen zeepaardjes die speciale bescherming geniet.
De meeste zijn van de soort Hippocampus guttulatus, maar er zitten
ook een groot aantal kortsnuitzeepaardjes (Hippocampus hippocampus),
Reptielen en amfibieën zijn er natuurlijk ook. Bijzonder is de
kameleon (Chamaeleo chamaeleon). Het natuurpark is de enige plek in
Portugal waar dit dier voorkomt. In Europa zien we de kameleon
alleen nog in Zuid-Spanje en op Kreta.
Top
Economie
In het
park wonen maar weinig mensen (ruim 7000). Er zijn een paar
vissersdorpen, waarvan een aantal is uitgegroeid tot badplaats.

Vissershaventje van Santa Luzia
Net buiten het
park liggen wel grotere plaatsen: Faro (met internationaal vliegveld), Olhão en Tavira.
Aan de rand van de lagune is er wat landbouw. Het gaat hier dan vooral om fruitteelt:
olijven, citrusvruchten, vijgen, amandelen.
Op veel plaatsen
in de Algarve worden sinaasappelbomen vervangen door Johannesbroodbomen. Van
de pitten uit de boonvormige vruchten wordt meel gemaakt dat wordt gebruikt als
emulgator, geleermiddel en verdikkingsmiddel in de voedingsmiddelenindustrie.
Ook dienen de vruchten als veevoeder.
In de lagune wordt veel gevist. Het gaat dan vooral om schelpdieren (o.a.
palourdes), schaaldieren en inktvis. Een belangrijk deel van de door Portugal
geëxporteerde schelpdieren komt uit deze lagune.

Santa Luzia - inktvispotten en korven voor
schaaldieren
Ook zijn er nog een paar bedrijven die
zeezout produceren. De belangrijkste bron van inkomsten vormt
echter het toerisme. Het heeft binnen de
grenzen van het park een bescheiden karakter.
Top


Zoutpannen bij Tavira
Wandelen
Zie
hiervoor de wandelgids:

22 wandelingen door de Algarve
In deze gids staat een wandeling door het
natuurpark beschreven.
Meer informatie over de wandelroute is te vinden op het
kaartje
hieronder:

Klik
op het kaartje voor vergroting
Openbaar vervoer
Top
De steden en een groot aantal dorpen aan de
rand van het natuurpark zijn te bereiken per trein (spoorlijn Faro - Tavira) of
per bus.
Voor dienstregeling (horários) spoorwegen en
bussen klik hier
Overnachten
Campings: Voor meer informatie over campings klik
hier
Hotels en pensions: Voor meer informatie over hotels/pensions
zie:
algarve-accommodatie.startpagina.nl
www.visitportugal.com
Kaarten
Voor kaarten van 1:25.000 (Carta
Militar de Portugal: serie M 888) klik hier
Bezoekerscentrum
natuurpark
Centro
de Educação Ambiental de Marim - Quelfes
8700 OLHÃO
Tel.: (351) 289 700 210
Fax: (351) 289 700 219
E-mail:
pnrf@icn.pt
Toeristische informatie:
Zie hiervoor:
algarve.startpagina.nl
www.algarve-gids.com
www.visitportugal.com
www.visitalgarve.pt
Top
Wandelen in Portugal ©
1996-2008, Roel Klein & Bert Stok tenzij anders vermeld